Zandhappen in Duitsland

Op uitnodiging van Ton Smit (57), eigenaar van TSM Rijtrainingen, gaan Matthieu Stam  en Joke Axveld van het IVVN een dagje terreinrijden in het Fursten Forest, in Fürstenau, net over de grens in Duitsland. 400 hectare wildernis waar je heerlijk je gang kunt gaan. Kan het leuker?!

Tekst: Joanna Axveld

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Suzuki’s Vitara, Land Rovers, Mercedessen G-klasse en een aantal Hummers H1. Maar ook een flink aantal Quads rijden rond. Het is duidelijk, ik ben beland in de wereld van de 4×4-freaks, die een dagje door de modder baggeren beschouwen als de allerleukste besteding van je vrije zondag. Ton Smit, instructeur en eigenaar van TSM Rijtrainingen, is samen met zijn partner Brenda al net zo gek van terreinrijden. We springen meteen in zijn Land Rover Defender. Zandhappen maar! Ton stuurt de auto het eerste stuk zelf door het prachtige, in herfsttooi gestoken terrein. Hij geeft tijdens het rijden technische uitleg over Defender en geeft tips. ‘Gebruik het gaspedaal met mate. Je hoeft nauwelijks gas te geven om de auto in beweging te krijgen’, meldt Ton. Terreinrijden en snelheid hebben niks met elkaar te maken, mocht ik dat denken.

Geen gas en niet remmen

Inmiddels strekt zich een gigantisch blubberspoor voor ons uit. Eruit, eerst het terrein verkennen. Ik zak bijna tot aan mijn enkels in de smurrie en snap nu waarom Ton, voordat we op pad gingen, mijn schoeisel checkte. Ton schuift met ervaren voetbewegingen de blubber weg. Eronder blijkt een stevige, vaste en vooral droge ondergrond te zitten. ‘Kijk’, zegt hij, ‘en daarom heb je in dit soort terrein smalle banden nodig. Die snijden als het ware door de modder heen om die droge ondergrond te bereiken.’

Zelf proberen. Leuk! Het eerste stukje valt qua terrein best mee. Ik voel me bijna een vrachtwagenchauffeur! Al gauw stuur ik op aanwijzingen van Ton een moeilijker terrein in. De bomen lijken wel erg dicht op elkaar te staan maar het past allemaal precies. Ik hobbel met een slakkengangetje over boomstronken en door blubbersporen. Je voelt de auto allerlei bewegingen maken en hebt de neiging flink te sturen. Maar Ton roept voortdurend: ‘Niet teveel sturen! Laat de auto het werk maar doen!’ Het vreemdste is eigenlijk dat ik mijn beide voeten gewoon op de vloer heb staan en stationair rol. Geen gas geven en in de blubber vooral ook niet remmen. Het is gek, maar het went ook wel weer snel.

Klotsende oksels

Oké, de volgende uitdaging. Een groot, open terrein met heuvels, diepe plassen water en struikgewas. We stoppen bij een afdaling en gaan lopend het terrein verkennen. Ton vertelt doodleuk dat het de bedoeling is dat we hier straks met de Defender afdalen, vervolgens heel precies over een modderige geul sturen (en geloof me, daar wil je niet in terecht komen want dan kieper je om) en dan direct steil omhoog een helling op. Als dat maar goed komt.

Het ziet er in mijn ogen best heftig uit en ik sta doodsangsten uit dat ik die auto tot aan zijn assen vast zal zetten. Na de uitleg van Ton stap ik met klotsende oksels weer in de auto, vastbesloten dit tot een goed einde te brengen. Even diep ademhalen en dan op weg naar de afdaling, die nare blubbergeul ontwijken en weer volgas steil omhoog. JA! Ik ben trots op mezelf, het is me gelukt.

Mannelijk publiek

Na de lunch volgt een ‘iets zwaarder parcours’, aldus Ton. Het ziet er inderdaad erg heftig uit. We gaan eerst weer lopend de boel verkennen en dan is het mijn beurt om de hindernis te nemen. Vrij steil naar beneden, linksaf, rakelings langs een boom – om niet ín, maar óp het blubberspoor terecht te komen – en dan heel steil omhoog tussen twee dicht op elkaar staande bomen door. Het lijkt mij een onmogelijke opgave maar volgens Ton gaat het lukken…

Nou, echt niet! Ik neem de bocht naar links te ruim, bang om de spiegels van de Defender af te rijden, kom vol in het blubberspoor terecht en sta zo vast als een huis. Ton neemt het stuur even over en met een paar keer steken is de auto weer los. Maar waar ik bang voor was gebeurt natuurlijk: ik moet het opnieuw doen. En inmiddels is zo’n 15 man publiek toegestroomd. Maar Ton spoort me aan en onder zijn deskundige leiding lukt het me om veilig boven te komen zonder de twee bomen te raken. Ik voel me superstoer!

Plattegrond in de prullenbak

Daarna zijn mijn medecursisten aan de beurt. Zij hebben er toch duidelijk iets meer feeling voor. Vooral René, die later op de dag een heel nieuw bospad mag aanleggen, waardoor de bestaande plattegrond van het terrein direct de prullenbak in kan, voelt zich in zijn element.

Het is al schemerig wanneer ik moe, maar voldaan en onder het genot van een drankje nog wat napraat. Mijn conclusie is dat een dagje in de modder baggeren naar meer smaakt. Snel een keer een cursusdag boeken bij Ton! Voor meer informatie mail naar:  info@tsmrijtrainingen.nl of info@ivvn.nl